Verdeel en heers

Na de overname van het kamp kwamen er prikkeldraadomheiningen, zeven wachttorens en een compagnie SS-Wachbataillon. Deze militairen verrichtten tot begin 1943 de buitenbewaking van het kamp. De orde binnen het kamp werd bewaard door de Orde­dienst van de Joodse kamporganisatie en door Nederlandse marechaussees, die later ook de buitenbewaking deden. In de zomer van 1944 werden zij vervangen door een compagnie van het Politiebataljon Amsterdam. Deze politiemacht bestond grotendeels uit de beruchte Schalkhaarders.

In de woorden van Abel J. Herzberg was Westerbork een ander woord voor de dag van het Laatste Oordeel. De organisatie van deze dag was sinds oktober 1942 in handen van SS-Ober­sturmführer Albert Konrad Gemmeker. Zijn voorgangers voldeden niet aan de eisen die de nazi's aan het functioneren van het kamp stelden. Zij wilden de Joden zo snel en geruisloos mogelijk deporteren. Het harde optreden van de eerste commandanten riep teveel weerstand en onrust in het kamp op. Gemmeker bleek beter bedreven in het vlekkeloos laten uitvoeren van de plannen. Hij stelde er een eer in het Durch­gangslager perfect te doen functioneren, zonder wrijving, zonder incidenten. Daarom in het kamp geen brullende en moor­dende SS-ers. Gemmeker kwam naar voren als een keurige heer, die de Joden correct behandelde.

In de dagelijkse gang van zaken greep deze absolute heerser nauwelijks in. Zijn voornaamste zorg was het voldoen aan het wekelijks te leveren aantal Joden. De organisatie daartoe liet hij over aan gevangenen. Reeds in de tijd van het vluchtelin­genkamp was er een kamporganisatie opgezet door de Duitse Joden. Velen van hen hadden in Duitse concentratiekampen gezeten en wisten dat de omstandigheden in een kamp beter waren als men zelf de zaken zoveel mogelijk probeerde te regelen in plaats van het aan de nazi's over te laten. In de tijd van het doorgangskamp bleven zij de overhand houden in de kamporganisatie. Als vorst binnen het kamp functioneerde Schlesinger. Hij was de eerste Dienstleiter omdat hij de leiding had over de belangrijkste Dienst: de administratie, waar de transportlijsten werden samengesteld.

Zolang de Joodse kampstaf zich hield aan het door Gemmeker doorgegeven aantal te deporteren mensen was zijn macht over de medegevangenen totaal. Hierdoor en door hun soms verkwistende en stuitende leefwijze waren de leiders weinig geliefd en veelal gehaat. Zij waren in staat anderen in bescherming te nemen. Er was een grote mate van afstand tussen zij die een functie hadden en de massa. Men voelde dat zo en gedroeg zich dien­overeenkomstig: kamparistocratie tegen transportmateriaal. Doordat het overwegend Duitse Joden waren die in de kamplei­ding zaten was de animositeit tussen Altelagerinsassen en Nederlandse gevangenen groot.

Voor de interne organisatie en bewaking was er een Joodse ordedienst in het leven geroepen. Gehuld in een groene overall waren de OD'ers de onmisbare ordebewaarders in het kamp waarvoor vooral oud-militairen en jongeren in aanmerking kwamen. Voortdurend werd de Duitse leiding door OD'ers bijgestaan, waardoor ze in het kamp bekend stonden als de ‘Joodse SS'.  Ook moesten zij vluchtpogingen voorkomen en alles wat niet door de beugel kon aan de kampleiding doorgeven. Soms werd de OD ingezet bij acties buiten het kamp. Zo waren ze betrokken bij de ontruiming van 'Het Apeldoornsche Bosch', en bij de grote razzia's in Amsterdam in 1943. Omdat er nauwelijks treinen genoeg waren om de Joden naar Westerbork te brengen, werd de Ordedienst soms ingezet om zelf het transport te regelen. Vooral in Amsterdam waren er voortdurend treinen tekort.

Louis de Wijze realiseerde zich hoe de Joden door het Duitse systeem vernederd werden: 'Dat moet een hele bittere gewaarwording zijn geweest voor die Amsterdamse Joden. Je moet niet vergeten dat je opgehaald werd door je eigen mensen, dan is dat een heel verwerkingsproces voordat je kunt begrijpen dat er voor deze mensen geen andere mogelijkheid was. Immers, als ze weigerden, gingen ze zelf op transport. Dat was een grote innerlijke strijd. Dat was misschien wel een van de meest gruwelijke wreedheden van die SS'ers om dat zo te doen. Dat verhoogde dus de controverse met die Alte Lagerinsassen ook.'

Deze organisatie werkte voortreffelijk. Dankzij het geraf­fineerde en doortrapte systeem van verdeel en heers waren er weinig nazi's nodig om de afvoer van joden te regelen.